Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  20 juni - twaalfde zondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Galaten 3,26-29
Lucas 9,18-24

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.


Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Mensenrechten volgens Paulus

Ik weet niet of u het enthousiasme geproefd hebt waarmee Paulus de tekst van de eerste lezing neerpende. "Er is geen jood of Griek meer; het onderscheid tussen slaaf en vrije is weggevallen; man- of vrouw-zijn doet niet meer ter zake. Wij zijn allemaal gelijk, volwaardig, au sérieux te nemen." Kunnen wij, twintig eeuwen later, nog iets van dat Paulus-enthousiasme invoelen? Dat hangt er vanaf, denk ik.

Wie het moeten zien te rooien in de marge van de samenleving, in arme landen waar men met verbaasde ogen naar TV-beelden uit het rijke noorden zit te staren, wie zich met een warm hart inzet voor ‘de minsten van mijn broeders’ zoals Jezus ze ooit noemde (Matteüs 25,40) – voor dat soort mensen is het wellicht niet zo moeilijk om met Paulus mee te dromen over een samenleving waar de onderkant geen onderkant meer is, waar iedereen vanzelfsprekend ieders gelijke is. Zij kunnen aanvoelen dat Paulus droomt over een hemel op aarde.

Maar wie zich ergeren aan de daling van de marktwaarde van de huizen in wijken waar allochtonen komen samenhokken, zitten te dubben of het, met de nieuwe Europese regels inzake het bankgeheim, niet riskant is om zijn geld op een Zwitserse bank te laten staan, zij die alles hebben en niets meer te dromen hebben - in hun oren klinken de woorden van Paulus naïef, irreëel, helemaal niet hemel-op-aarde-achtig.
Zo zie je maar hoe de eigen maatschappelijke situatie mee bepalend kan zijn voor wat een bijbelpassage bij jou oproept.

Wat Paulus betreft, hij heeft een ontdekking gedaan en zijn enthousiasme is niet te stuiten. Veel meer nog dan wij nu, leefde hij in een hokjes-samenleving: als Jood ging je niet aan tafel met een niet-Jood; de kloof tussen slaaf en vrije was onoverkomelijk; mannen- en vrouwenwereld waren toen volledig gescheiden. Welnu, zegt Paulus, al die verschillen, al die grenzen tussen mensen kunnen en mogen ons leven niet domineren. We hebben maar één Heer, de Christus; maar één leidsman, de Messias. Wie Jezus echt wil navolgen kent maar één scheidslijn, die tussen liefde en liefdeloosheid. Uiteraard zijn die oude grenzen en verschillen nog niet verdwenen en veroorzaken ze nog tal van problemen - maar ze mogen ons leven niet beheersen; we mogen er niet langer waardeoordelen aan verbinden.

In het licht van de Jezusboodschap zijn we allemaal gelijkwaardig. De liefde waarmee Jezus ieder mens accepteerde zoals hij was, roept ons ertoe op hetzelfde te doen. De skinhead die weerzin oproept, de ongewassen dakloze die stinkt, het moslimmeisje met hoofddoek, ze zijn mens zoals u en ik – ook zij zijn op zoek, elk op zijn of haar manier, naar liefde, naar erkenning en geborgenheid. Durf contact met hen te leggen en dan ontdekt je wellicht dingen die je aan het denken zetten.

Voor Paulus zijn mensenrechten een vanzelfsprekende leidraad in het dagelijkse doen en laten van een christen. (Dit christelijk pleidooi voor mensenrechten is 1900 jaar ouder dan de moderne Verklaring van de Rechten van de Mens!)

Wat Paulus voor ogen stond was niet dat alles één pot nat moest zijn. Hij pleitte niet voor een samenleving of voor een kerk waarin iedereen hetzelfde denkt, hetzelfde voelt, hetzelfde doet. Hij wilde de verschillen niet wegvlakken; hij wilde wel dat, in hun verschillend-zijn, Joden en niet-Joden, mannen en vrouwen, blanken en migranten, skinheads en burgerij elkaar respecteren, elkaar accepteren, en daadwerkelijk proberen er voor elkaar te zijn.

Paulus zag misschien te weinig dat er, wil je dat in de praktijk van elke dag kunnen waarmaken, in de samenleving heel wat moet veranderen, niet alleen qua mentaliteit, maar ook organisatorisch en structureel. Leren dat je op een andere manier moet spreken, beseffen dat onze omgangstaal vergeven zit van woorden en uitdrukkingen die voor bepaalde groepen denigrerend zijn. Dat je gelijke kansen moet scheppen in de samenleving: om te kunnen studeren, om een baan te krijgen (in België is de werkloosheid onder mensen van allochtone origine viermaal hoger dan het landelijk gemiddelde!). Ook in de kerk - en die zou in het spoor van Paulus toch een voorbeeldfunctie moeten vervullen - zou iedere gelovige, man of vrouw, wit of zwart, homo of hetero, gelijkelijk in aanmerking moeten komen voor het bekleden van ambten of het ontvangen van sacramenten.

Die dingen weten wij nu beter dan Paulus in zijn tijd - als mensheid hebben we de voorbije tweeduizend jaar niet stilgezeten. Anderzijds ziet Paulus wellicht scherper dan wij wat ons op weg helpt als het erom gaat elkaar te accepteren: het feit namelijk dat wij, in Christus, allen kinderen zijn van dezelfde Vader.

Dat laatste is meer dan zomaar een vaststelling. Het is een opdracht, zegt Jezus in de evangelielezing: "Wie mijn volgeling wil zijn, moet mij volgen door zichzelf te verloochenen en door elke dag opnieuw zijn kruis op te nemen. Wie zijn leven wil redden, zal het verliezen."

'Zijn kruis opnemen', 'zichzelf verloochenen', 'zijn leven verliezen om Christus' wil' - drie uitdrukkingen die hier hetzelfde betekenen. Wie zijn kruis niet opneemt maar in plaats daarvan zijn eigen leven probeert te redden, zijn prerogatieven probeert veilig te stellen - die belandt in het kamp van de uiteindelijke verliezers. Zijn leven verliezen om Christus’ wil, wil zeggen: wat je opbouwt in het leven - je status, je prestige, je carrière – mag je niet verabsoluteren, je moet het onderschikken aan de eisen van rechtvaardigheid.
Hoeveel zakenimperiums zijn niet groot geworden door uitbuiting? Hoeveel van de kleren die we dragen werden niet vervaardigd door Indische of Chinese kinderhanden. Op topfuncties zitten lang niet altijd de meest geschikten, vaak zij met de langste arm, de beste relaties of de juiste partijkaart. Hoeveel mannen zitten op directiestoelen omdat vrouwen in die mannenwereld nauwelijks kans krijgen? Hoeveel dames krijgen een job omdat ze qua uiterlijk beter scoren dan een meer geschikte concurrente? Hoeveel parochies zitten zonder priester, terwijl heel wat mannen en vrouwen, gehuwd of ongehuwd, bereid en in staat zijn om een geloofsgemeenschap te bezielen en te herderen?

Met dat kruis - wie we zijn, zijn we geworden deels ten koste van anderen, ook al zijn wij daar niet persoonlijk voor verantwoordelijk - zitten velen van ons opgescheept. Betrokken zijn bij onrecht anderen aangedaan zonder er zelf rechtstreeks schuld aan te hebben - wat kun je daaraan doen? Een publieke schuldbelijdenis? Ontslag nemen? Erg realistisch is dat niet.

En toch kun je wat doen, ook zonder de publieke martelaar uit te hangen. In het dagelijkse leven kun je op vele manieren je steentje bijdragen tot een eerlijker samenleving. Een paar willekeurige voorbeelden. Kleren kopen die niet besmet zijn door uitbuiting van vrouwen en kinderen in ontwikkelingslanden. Vaker de wereldwinkel binnenlopen; wat je er meer betaalt komt ten goede aan de arme boer in Zimbabwe of Colombia die een eerlijke prijs kreeg voor zijn product. Voor een arts zijn ziekenbriefjes geen middel voor klantenbinding op kosten van werkgever en ziekteverzekering. Als pastor je niet vastbijten in je traditionele machtspositie maar ruimte creëren om de inzet en talenten van onderop gelovig te laten renderen.

Iedereen kan elke dag op zijn of haar plaats om Christus' wil een stukje leven prijsgeven zodat andermans leven wat meer en betere kansen krijgt. Maar het kost wel aandacht en soms enige moeite. Maar dat is nu eenmaal de prijs die we moeten betalen om echte volgeling van Jezus te mogen zijn. De prijs van recht, rechtvaardigheid en liefde.

Marc Christiaens o.p. (Schilde)

Inspiratiebron: André Lascaris, De droom van Paulus, in Kerugma (41)1997-1998, blz. 47-51.

 
  Prekenlijst