Enkele kerkelijke verantwoordelijken hebben recent
hierover publiek hun onrust te kennen gegeven. Ze doen een radicaal
voorstel. De inrichting van volbloed katholieke scholen, waar opnieuw de
zuivere katholieke geloofsleer wordt onderwezen. Het pure product in
onversneden vorm. Identiteit is het sleutelwoord. Wil de kerk toekomst
hebben, dan moet ze terug haar eigenheid duidelijk en onverkort zichtbaar
maken. Ze moet laten horen welke de geloofspunten zijn waar ze aan
vasthoudt. Mensen vragen houvast. Heldere standpunten.
De pogingen van de laatste decennia om het geloof bij de
tijd te brengen hebben, volgens hen, alleen maar contraproductief gewerkt.
Men heeft zich willen aanpassen aan de tijdgeest, maar op die manier heeft
men uiteindelijk niets eigens meer overgehouden. Niets dat nog de moeite
waard bleek om naar de kerk te komen. De zin voor het goddelijke is
verdampt, de leer vervlakt tot puur humanisme. Sommige bisschoppen in
België en vooral in Nederland hebben de uitdaging begrepen. Er moet terug
klare wijn worden geschonken. De christelijke identiteit vraagt om
profilering.
Uit alle initiatieven die van hogerhand genomen worden
voel je zo aan welke richting men uit wil. Men wil terug naar vroeger. Men
zoekt zijn identiteit in wat voorbij is. Een beetje opgepoetst weliswaar,
maar toch.
Het evangelieverhaal reikt ons evenwel een ander
perspectief aan. Niet toevallig opent het met de vermelding dat het gebeuren
zich situeert op de sabbat. De sabbat is de dag dat de eer van God op het
spel staat. De vraag die dan op de voorgrond staat luidt: hoe zullen we ons
gedragen op die dag? Wat zullen we doen om eer te brengen aan God?
Jezus geeft hier geen antwoord op. Hij observeert de
mensen en hun gedragingen. Hij ziet mensen die elkaar verdringen om de beste
plaatsen te bemachtigen bij het feestmaal. Dat een ander daarbij achterop
geraakt zal hen een zorg zijn. Jezus ziet dat anders. Op de sabbat! Wat
Jezus aanbeveelt is niet een soort van slim opportunisme: hou je wat
achterin, dan sla je zeker geen mal figuur, en wie weet: misschien word je
wel naar voren gevraagd. Wat hij op het oog heeft is een radicale wisseling
van perspectief. En dat wordt duidelijk in het tweede gedeelte van het
verhaal. Daar gaat het nog veel verder dan de oproep tot eenvoud en
bescheidenheid.
Inderdaad, hier wordt de sfeer radicaal anders. We horen
de heel duidelijke aanmaning compleet te breken met het society gedoe. De
sfeer van zorgvuldig uitkijken wie je uitnodigt op een feestmaal, en of je
daar wel enig voordeel uit haalt, of toch minstens je verplichtingen nakomt.
In plaats daarvan krijgen we een bruuske wisseling van perspectief. Nodig
armen, gebrekkigen, kreupelen en blinden uit. Deze radicale taal is een
uitnodiging tot een grondhouding, een fundamentele attitude. Deze bestaat
erin niet alles te bezien vanuit jezelf, vanuit je eigen belang. Je moet de
aandacht bij de ander leggen. Denken en te voelen vanuit de ander. Nodig
diegenen uit van wie je niets terug kan krijgen. Dat is de levensstijl die
past bij de sabbat, de dag dat de eer van God op het spel staat.
De sabbat wordt op die manier de dag dat wij niet zelf
bepalen hoe we de eer van God recht doen. Wij hebben niet langer het heft in
handen. Wij worden in vraag gesteld. En wel door hen die we op het eerste
gezicht liever verloren dan gevonden hebben. Wij bepalen dan niet langer
volgens eigen inzicht en goeddunken wie we aan onze tafel uitnodigen. Het
zijn de slachtoffers die centraal worden geplaatst. Zij vormen het
middelpunt van de wereld. Hun positie stelt ons in vraag. De ander stelt ons
in vraag. Het hele wereldbeeld wordt omgekeerd. Mijn identiteit bestaat erin
dat ik antwoord op de vraag die de ander is. De lastige leerling, de
dementerende ouder, de slachtoffers in Pakistan, de verkrachte vrouwen in
Congo. Wij staan niet op hetzelfde niveau. We hebben niet dezelfde rechten
en dezelfde plichten. Het is onze positie die onze rechten en plichten
bepaalt. Hier wordt een punt gezet achter een moraal die gebaseerd is op
gelijkheid. Geen egalitaire moraal: voor iedereen hetzelfde.
Wellicht heeft dat te maken met christelijke identiteit.
Dat we haar vinden door de bevraging van de noodlijdende. Dat we de eer van
God recht doen in het antwoord dat we geven op het appel dat op ons afkomt.
Dit is geen egalitaire moraal, voor iedereen hetzelfde zonder onderscheid
van persoon! Het is veeleer een partijdige keuze voor wie niet meetelt en
wie geen kansen krijgen. Zo eren we God op sabbat. Zo vinden we onze
identiteit. Aan de tafel van God.
Ignace D’hert o.p.