Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  29 augustus - twee-entwintigste zondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Wijsheid 3,17-18.20-29
Lucas
14,1.7-14

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.


Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


De eerste plaats
 

Heeft het christendom iets te bieden waarmee het zich onderscheidt van het humanisme? Zijn het niet dezelfde waarden die worden gepromoot. Zowel in het oprechte christendom als in het authentieke humanisme. Het gaat toch om eerlijkheid en goedheid, verdraagzaamheid en respect voor andermans overtuiging. Het gaat om inzet voor een rechtvaardige en vreedzame wereld. Dat leren jongeren zowel in de lessen christelijke godsdienst als in de lessen zedenleer. De vraag is of er nog wel verschil is.

Enkele kerkelijke verantwoordelijken hebben recent hierover publiek hun onrust te kennen gegeven. Ze doen een radicaal voorstel. De inrichting van volbloed katholieke scholen, waar opnieuw de zuivere katholieke geloofsleer wordt onderwezen. Het pure product in onversneden vorm. Identiteit is het sleutelwoord. Wil de kerk toekomst hebben, dan moet ze terug haar eigenheid duidelijk en onverkort zichtbaar maken. Ze moet laten horen welke de geloofspunten zijn waar ze aan vasthoudt. Mensen vragen houvast. Heldere standpunten.

De pogingen van de laatste decennia om het geloof bij de tijd te brengen hebben, volgens hen, alleen maar contraproductief gewerkt. Men heeft zich willen aanpassen aan de tijdgeest, maar op die manier heeft men uiteindelijk niets eigens meer overgehouden. Niets dat nog de moeite waard bleek om naar de kerk te komen. De zin voor het goddelijke is verdampt, de leer vervlakt tot puur humanisme. Sommige bisschoppen in België en vooral in Nederland hebben de uitdaging begrepen. Er moet terug klare wijn worden geschonken. De christelijke identiteit vraagt om profilering.
Uit alle initiatieven die van hogerhand genomen worden voel je zo aan welke richting men uit wil. Men wil terug naar vroeger. Men zoekt zijn identiteit in wat voorbij is. Een beetje opgepoetst weliswaar, maar toch.

Het evangelieverhaal reikt ons evenwel een ander perspectief aan. Niet toevallig opent het met de vermelding dat het gebeuren zich situeert op de sabbat. De sabbat is de dag dat de eer van God op het spel staat. De vraag die dan op de voorgrond staat luidt: hoe zullen we ons gedragen op die dag? Wat zullen we doen om eer te brengen aan God?

Jezus geeft hier geen antwoord op. Hij observeert de mensen en hun gedragingen. Hij ziet mensen die elkaar verdringen om de beste plaatsen te bemachtigen bij het feestmaal. Dat een ander daarbij achterop geraakt zal hen een zorg zijn. Jezus ziet dat anders. Op de sabbat! Wat Jezus aanbeveelt is niet een soort van slim opportunisme: hou je wat achterin, dan sla je zeker geen mal figuur, en wie weet: misschien word je wel naar voren gevraagd. Wat hij op het oog heeft is een radicale wisseling van perspectief. En dat wordt duidelijk in het tweede gedeelte van het verhaal. Daar gaat het nog veel verder dan de oproep tot eenvoud en bescheidenheid.

Inderdaad, hier wordt de sfeer radicaal anders. We horen de heel duidelijke aanmaning compleet te breken met het society gedoe. De sfeer van zorgvuldig uitkijken wie je uitnodigt op een feestmaal, en of je daar wel enig voordeel uit haalt, of toch minstens je verplichtingen nakomt. In plaats daarvan krijgen we een bruuske wisseling van perspectief. Nodig armen, gebrekkigen, kreupelen en blinden uit. Deze radicale taal is een uitnodiging tot een grondhouding, een fundamentele attitude. Deze bestaat erin niet alles te bezien vanuit jezelf, vanuit je eigen belang. Je moet de aandacht bij de ander leggen. Denken en te voelen vanuit de ander. Nodig diegenen uit van wie je niets terug kan krijgen. Dat is de levensstijl die past bij de sabbat, de dag dat de eer van God op het spel staat.

De sabbat wordt op die manier de dag dat wij niet zelf bepalen hoe we de eer van God recht doen. Wij hebben niet langer het heft in handen. Wij worden in vraag gesteld. En wel door hen die we op het eerste gezicht liever verloren dan gevonden hebben. Wij bepalen dan niet langer volgens eigen inzicht en goeddunken wie we aan onze tafel uitnodigen. Het zijn de slachtoffers die centraal worden geplaatst. Zij vormen het middelpunt van de wereld. Hun positie stelt ons in vraag. De ander stelt ons in vraag. Het hele wereldbeeld wordt omgekeerd. Mijn identiteit bestaat erin dat ik antwoord op de vraag die de ander is. De lastige leerling, de dementerende ouder, de slachtoffers in Pakistan, de verkrachte vrouwen in Congo. Wij staan niet op hetzelfde niveau. We hebben niet dezelfde rechten en dezelfde plichten. Het is onze positie die onze rechten en plichten bepaalt. Hier wordt een punt gezet achter een moraal die gebaseerd is op gelijkheid. Geen egalitaire moraal: voor iedereen hetzelfde.

Wellicht heeft dat te maken met christelijke identiteit. Dat we haar vinden door de bevraging van de noodlijdende. Dat we de eer van God recht doen in het antwoord dat we geven op het appel dat op ons afkomt. Dit is geen egalitaire moraal, voor iedereen hetzelfde zonder onderscheid van persoon! Het is veeleer een partijdige keuze voor wie niet meetelt en wie geen kansen krijgen. Zo eren we God op sabbat. Zo vinden we onze identiteit. Aan de tafel van God.

Ignace D’hert o.p.

 
  Prekenlijst